Startpagina | Dans | Adres | Fitness | Forum | Wedstrijden | Info | Fotopagina | Keuken

 

Spieranatomie

Elke beweging door ons lichaam wordt mogelijk gemaakt door spiervezels. Goed uitgedachte structuren van spieren, zenuwen en sensoren zijn betrokken bij zelfs de meest eenvoudige bewegingen door het lichaam. In dit artikel wordt de basiswerking van de spier uitgelegd. De spier is echter niet het enige weefsel dat betrokken is bij beweging. Ook pezen spelen een belangrijke rol hierbij.

Structuur

Spieren kunnen verdeeld worden in 3 groepen namelijk de willekeurige spieren (lichaamsbewegings spieren), de zachte spieren (darm stelsel spieren) en de hartvezel spieren. Sporters houden zich vooral bezig met de ontwikkeling van de willekeurige spieren (die weer onderverdeeld kunnen worden in rode en witte vezels.

Ongeveer 25% van ons lichaamsgewicht bestaat uit deze willekeurige spieren. Het verschil tussen deze soorten spieren heeft vooral te maken met het vòòrkomen van de spiercellen onder een microscoop.

De werking van spieren

De willekeurige spieren worden actief geactiveerd door zenuwbanen die naar de spieren lopen. Vanuit de hersenen wordt een signaal verstuurd naar de spieren via een elektrische puls over de zenuwbanen. Na dit signaal door de hersenen, wordt acetylcholine afgegeven in de spier, waardoor de spier aanspant. Een enzym kan deze stof weer neutraliseren, wat vrij wordt gegeven door een ander signaal van de hersenen. De zachte spieren krijgen ook een signaal van de hersenen, maar dit signaal wordt niet 'bewust' gegeven. De hartspier heeft een eigen mechanisme, die impulsen uitzendt om de spier te laten samentrekken (het hart is één grote spier).

Filamenten

Elke spier bestaat -op het laagste niveau- uit actine en myosine filamenten (deze twee samen worden ook wel sarcomeren genoemd). Deze 'filamenten' bestaan uit eiwitten en schuiven in elkaar of uit elkaar bij een beweging. Als de filamenten in elkaar schuiven, wordt de spier korter, waardoor de botstukken naar elkaar toe bewegen (concentrische beweging). Deze filamenten zijn geplaatst in de myofibrillen, die op hun beurt weer geplaatst zijn in de spiervezels wat weer een onderdeel is van de spiercel.

Pezen

De basisfunctie van een pees is om de spier te verbinden aan het desbetreffende lichaamsdeel wat bewogen moet worden (vaak zijn dat de botten). Tussen de pees en het kapsel bevindt zich een vloeistof (synovia). Door het bewegen, raakt deze vloeistof op. Naast het herstel van het spierweefsel, heeft ook de pees rust nodig om de verloren vloeistof weer aan te vullen. Als er getraind wordt zonder dat de vloeistof is bijgevuld, ontstaat er een grotere wrijving tussen de pees en het kapsel, wat kan leiden tot infecties. Het bijvullen van deze vloeistof gebeurd sneller, dan het -volledig- herstel van de spieren. Als u de richtlijnen volgt van de trainingsmethoden, krijgt u waarschijnlijk geen last hiervan (tenzij u een genetisch tekort heeft aan deze vloeistof). In het geval van klachten met betrekking tot gewrichtspijnen (of als u van uzelf weet dat u een probleem met de vloeistof heeft), moet u een professionele arts raadplegen.

Introductie

Een marathonloper en een bodybuilder hebben allebei zeer goed getrainde spieren en toch zien ze er heel verschillend uit. Dit heeft te maken met het soort spiervezel dat deze atleten vooral getraind hebben. Genetisch zou iedereen 50% witter spiervezels en 50% rode spiervezels moeten hebben. Gelukkig geldt ook hier de regel dat iedereen verschillend is. De marathonloper heeft (genetisch) relatief veel rode spiervezels, terwijl een bodybuilder juist relatief veel witte spiervezels heeft. Een bijkomstigheid is dat de ratio van witte en rode vezels niet hetzelfde is over alle spieren in het lichaam. De borstspier kan bijvoorbeeld een ratio hebben van 30% rode en 70% witte, terwijl de kuiten deze ratio precies andersom hebben (dus 30% witte en 70% rode). Het prioriteits principe (een spiergroep die achterblijft in spiergroei, moet eerst getraind worden voor snellere spiergroei) gaat dus niet altijd op aangezien de witte spiervezel hypertrofieerd (groter wordt) en de rode niet. Meer over de verschillen van de vezels staat hieronder.

De Rode Spiervezels

De rode spiervezel staat ook wel bekend als de Slow Twitch spiervezel door het trage op gang komen van deze spiervezeltype. Dit vezeltype komt voornamelijk voor bij de marathon atleet. De rede waarom deze spiervezel 'rood' heet, is omdat er een kleurverandering naar rood optreedt als de vezel in contact wordt gebracht met een bepaalde vloeistof. Training van deze spiervezel moet uitgevoerd worden in het zuurstofsysteem en zorgt voor een toename van mitochondrieën, maar geen vergroting van de spier (alleen de witte vezels kunnen hypertrofieëren).

De Witte Spiervezels

Dit weefsel wordt ook wel Fast Twitch genoemd door zijn explosieve kracht. Een bodybuilder heeft relatief veel witte vezeltype in zijn lichaam zitten, waardoor hij voor toename van spiermassa kan trainen met resultaat. Training vindt plaats voornamelijk in de fosfaatpoel maar ook in het melkzuursysteem.

Warming-up

Als de witte vezels worden getraind, worden ook de rode vezels getraind, maar niet andersom. Als je in de training vooral gebruik gaat maken van de witte vezels (dus gewichtstraining op een hoge intensiteit), moet u deze spiervezels opwarmen door een specifieke opwarming voor dit vezeltype (zoals het uitvoeren van dezelfde oefening op een lagere intensiteit).

 

 

Copyright - Fitnesscentrum Body Magic - Leuvensesteenweg 305 - 1800 Vilvoorde

http://www/bodymagic.be

info@bodymagic.be